Oek de Jong – Zwarte Schuur

In Zwarte Schuur wisselt Oek de Jong fascinerende hoofdstukken af met erg saaie. Ondanks alle slipjes en jaren zeventig pikanterieën die voorbij komen.

Zwarte schuur Oek de Jong recensieNet als een klassiek drama kent Zwarte schuur van Oek de Jong vijf delen. Maar daarmee is het nog geen klassieker. In dit geval was een beetje minder zeker een beetje meer geweest.

Schuldgevoelens en relatieproblemen

‘Door mijn schuld, door mijn schuld, door mijn grote schuld’, zo spraken we iedere week in de kerk. Daarna vroegen we eerst de maagd Maria voor ons te bidden en vervolgens bij de Here zelf om vergeving van onze schuld. Die openbare schuldbelijdenis fascineerde me altijd enorm. Waar dachten al die andere mensen aan? Welke schuld droegen ze met zich mee? Hadden ze gestolen, geslagen, gemoord? Of gevloekt?

Onvergeeflijke daden

Een andere vraag die vaak bij me opkwam, was of er daden zijn waarvoor geen vergiffenis bestaat. Daden die onherstelbaar zijn, omdat je ze niet op de een of andere manier kunt compenseren. Daden die je een schuldgevoel opleveren dat je blijft achtervolgen, ervoor zorgt dat je grote delen van de nacht wakker ligt, liters sterke drank nodig hebt om de herinneringen te laten vervagen en waardoor je eigenlijk de rest van je leven niet meer wilt dan eenzaam in een achterafhutje de dagen aan je voorbij laten glijden.

De schilder Maris Coppoolse

Maris Coppoolse, de hoofdpersoon in Zwarte schuur van Oek de Jong, draagt zo’n enorme schuld met zich mee, al heeft hij zijn leven desalniettemin toch aardig op de rails. Hij is een gevestigde schilder, met op zijn negenenvijftigste een overzichtstentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Maris is getrouwd met Fran. Samen hebben ze Stan en Thijs, een meisje en jongen uit een eerder huwelijk van Fran, door de puberteit geloodst. Een mooi moment voor Maris om plannen te maken voor een rustige ‘tweede helft’ van het leven, zou je denken. Maar rust is Maris niet gegund. Zwarte schuur is nog niet begonnen of hij verkeert al in een crisis.

Huwelijkse spanningen en een dodelijke duw

Fran en hij zijn al een tijdje uit elkaar aan het groeien. Dat zorgt voor veel spanning uiteraard. De spanning tussen beiden wordt nog groter als een weekblad ter gelegenheid van de tentoonstelling in het Stedelijk een verhaal over Maris publiceert. De journalist heeft daarvoor een dramatische gebeurtenis uit het verleden van Maris naar boven gehaald. Op veertienjarige leeftijd heeft hij in een driftbui Matty Tramper geduwd, waarna ze van een hooizolder viel. Ze was op slag dood. Het oordeel van de kinderrechter luidde ‘dood door schuld’. Maar de verdenking van opzet is bij zo’n voorval nooit helemaal weg te nemen.

Meer dan een moordenaar

Maris heeft dit voorval later in zijn leven niet helemaal geheimgehouden. Hij heeft bijvoorbeeld Fran erover verteld. Maar Stan en Thijs niet, omdat hij ze er niet mee wilde belasten. Die zijn dan ook geschokt als ze het verhaal lezen, maar dat lijkt niet lang te duren. Stan, met wie van de twee Maris het beste contact heeft, ontpopt zich zelfs als een ware therapeut: “Beschouw jezelf toch vooral niet als een moordenaar. Dat is maar één aspect van een persoon.” Goed bedoeld, maar ook pijnlijk. Het was immers ‘dood door schuld’, geen moord.

Terug in de tijd

In deel twee van Zwarte Schuur lezen we wat er gebeurde in de dagen voordat Maris Matty van de hooizolder duwde. We leren dat Maris gefrustreerd was doordat hij door andere jongens werd afgetuigd. Thuis had hij te maken met een moeder die hem ook al graag sloeg. Zijn vader was niet tegen deze dominante vrouw opgewassen. Op een dag noemt Matty Maris ‘geen echte jongen’, maar ‘een soort meisje’. Maris verliest zijn zelfbeheersing en geeft haar een harde duw, waardoor ze van de hooizolder valt.

Bevrediging van onze nieuwsgierigheid

Als we met een betrouwbare verteller te maken hebben, lijkt het inderdaad meer op dood door schuld dan moord. Hiermee is in ieder geval onze eigen nieuwsgierigheid bevredigd. Maar wel tegen een prijs. Maris wordt er minder duister door. Persoonlijk denk ik dat de roman sterker was geworden als de gebeurtenissen rond de val van Matty allemaal wat vager waren gebleven. Als we met de andere personages zouden twijfelen of er wel of geen opzet in het spel was. Dan zouden we ons misschien ook beter kunnen inleven in de dreiging die Fran van Maris vindt uitgaan. Dat zou de huwelijkse crisis van die twee al wat spannender maken.

Alles hetzelfde maar dan helemaal anders

Het laatste hoofdstuk van deel twee, over de seconden, minuten, uren en uiteindelijk dagen na de fatale duw, is denk ik het sterkste van de hele roman. Er is iets verschrikkelijks gebeurd. Maris weet het. De rest van de wereld nog niet. De vervreemding die dat oplevert, de radeloosheid ook, heeft De Jong mooi verbeeld. Soms al in enkele, simpele zinnen: “In huis hing de vertrouwde geur. Maar het vertrouwde was verleden tijd.” Maris loopt van huis weg, maar weet niet waar hij heen moet. Drie dagen later vindt zijn vader hem in diens vissershut. Maris wordt door de kinderrechter naar een tuchtschool gestuurd.

Op naar Colmar

Deel drie speelt ergens tussen de jeugd van Maris en het begin van zijn relatie met Fran. Ook in dit deel verkeert hij in een crisis. Zijn relatie met ene Sigi is op de klippen gelopen. Dit nadat hij haar vertelde over het voorval uit zijn jeugd en zij daardoor bang voor hem was geworden. Al maanden drinkt Maris meer dan dat hij schildert. Uiteindelijk pakt hij op een koude nacht zijn auto en vertrekt naar Colmar. Daar gaat hij in het Musée Unterlinden het Isenheimer Altar van Matthias Grünewald bekijken. Maris kijkt vooral naar de afbeelding van de opstanding van Christus en de afbeelding van de kruisiging.

Isenheimer Altar

Oorsponkelijk maakte Grünewald dit veelluik voor het klooster van de Antonietenorde in Isenheim. Daar werd het getoond aan mensen die leden aan Sint-Antoniusvuur, een pijnlijke ziekte die je kunt oplopen door de gifstoffen uit de schimmel moederkoorn. Bijvoorbeeld door het eten van besmet rogge. De symptomen zijn niet mals. Denk aan afstervende vingers en tenen en sterke hallucinaties. Men hoopte door het kijken naar het Isenheimer Altar te genezen. Maris bewondert vooral de wrede details in Grünewalds werk. Maar de gedachte dat Jezus Christus aan het kruis is gestorven om onze zonden en schuld weg te nemen, is bij de lezer uiteraard niet ver weg.

Liftster aan de drugs

Vanuit Colmar rijdt Maris verder. Nog altijd in diepe crisis. Uiteindelijk belandt hij in Parijs, maar hij verlaat de stad al na een uur. Op een parkeerplaats ontmoet hij Ilse van Damme. Ze komt toevallig ook uit Zeeland, kent de geschiedenis van Maris en Matty en is overduidelijk aan de drugs. Maris neemt haar mee naar zijn atelier in Amsterdam. Het duurt echter niet lang of ze verpatst spullen van hem. Na een geweldsuitbarsting zet hij haar buiten. Een paar dagen later overlijdt Ilse aan een overdosis. Een nieuw schuldgevoel voor Maris? Dat valt mee. Maris neemt haar hondje in huis en begint weer te schilderen.

Op vakantie in La Gomera

In deel vier zijn we weer bij Maris en Fran. Om te kijken of hun huwelijk nog is te redden, gaan ze op vakantie naar La Gomera. Door de publicatie van Maris’ verleden is de spanning tussen hen ernstig verhoogd. Maar er is meer aan de hand. Fran is jaloers op de band van Maris met haar dochter Stan. Ze is bang dat Stan haar plaats gaat innemen. En ze wil zelf ook graag een betere band met haar dochter. Die band is verstoord omdat Stan haar moeder de zelfmoord van haar vader Raf verwijt.

Geen simpele antwoorden

Enfin, de Jong gooit behoorlijk wat ballen op in Zwarte schuur. Het mooie daarvan is dat de complexiteit tussen oorzaak en gevolg niet meer zo duidelijk is. Komt de huwelijkscrisis door Maris zijn verleden of hebben we te maken met het cliché van een bijna-zestiger die wel weer eens wat jongers in zijn armen wil? Zijn Maris en Stan de echte problemen voor Fran, of worstelt ze nog altijd met de dood van Raf? De Jong doet niet aan simpele antwoorden en dat is op zich te prijzen.

Wat je denkt dat de ander denkt

De complexiteit wordt nog wat vergroot doordat in de roman op het eerste gezicht niet altijd duidelijk is wiens perspectief we volgen. Dat komt omdat de personages nogal eens de gedachten van andere personages proberen in te beelden. De basis voor dat giswerk zijn dan vaak de eigen angsten en vooroordelen. Dit alles gebeurt in een treffende beeldende schrijfstijl waarvoor De Jong al vaak geprezen is.

Slaapverwekkende huwelijkscrisis

Genoeg ingrediënten al met al om van Zwarte schuur een fantastische roman te maken. De werkelijkheid is dat het een wisselvallig boek is. Er zit nogal veel herhaling in de roman. En die hele huwelijkscrisis van Fran en Maris is ronduit slaapverwekkend. Fran is bang voor wat ze denkt dat Maris denkt. Maris is bang voor wat hij denkt dat Fran denkt. Fran is boos dat Maris geen rekening houdt met haar. Maris is boos dat Fran geen rekening houdt met hem. En zo door. En zo door.

Jaren 70 pikanterieën

Dat maakt vooral lezen van het dikke deel vier van Zwarte schuur tot een zware opgave. Mede omdat uiteindelijk het aantal ballen dat De Jong in de lucht heeft gegooid, te groot is om ze allemaal interessant te houden. Daar helpen al die slipjes en jaren zeventig pikanterieën die voorbij komen helemaal niets aan. Het is moeilijk te begrijpen dat een schrijver die op zinsniveau aan weinig woorden genoeg heeft om treffende beelden neer te zetten, op romanniveau te weinig maat heeft gehouden.

 

Pascal Klaassen
Januar1 2020

Eén gedachte over “Oek de Jong – Zwarte Schuur”

  1. Zojuist het boek “Zwarte schuur” uitgelezen. Ik vond het hier en daar vreselijk langdradig (met name rond het gedoe tussen Maris en Fran maar ook lang voor het eind). Er waren delen en passages die nieuwsgierig maakten naar het vervolg, naar de innerlijke wereld van Maris. Maar een “meesterwerk”, “groots”, vind ik het zeker niet. Dit boek krijgt bij mij geen plaats in de boekenkast bij de boeken die een plek in m’n hart hebben.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *